|
|
|
| ECLI:NL:RBMNE:2026:1900 | | | | | Datum uitspraak | : | 15-04-2026 | | Datum gepubliceerd | : | 28-04-2026 | | Instantie | : | Rechtbank Midden-Nederland | | Zaaknummers | : | 12045842 UC EXPL 26-87 | | Rechtsgebied | : | Civiel recht | | Indicatie | : | Afwijzing vorderingen van Alektum. Onvoldoende onderbouwd dat gedaagde de overeenkomst met Klarna heeft gesloten. | | Trefwoorden | : | koopovereenkomst | | | kredietovereenkomst | | | | Uitspraak | RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: 12045842 \ UC EXPL 26-87 BJvd/61169
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
ALEKTUM CAPITAL II AG,
gevestigd te Zug (Zwitserland),
eisende partij,
hierna te noemen: Alektum,
gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso,
tegen
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
1De procedure
1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek- de conclusie van dupliek.
1.2
Ten slotte is bepaald dat er een vonnis zal worden uitgesproken.
2De kern van de zaak
2.1
Alektum heeft een vordering van Klarna op [gedaagde] overgenomen en vordert betaling hiervan. Volgens Alektum heeft [gedaagde] in 2021 goederen online besteld bij kledingwinkel [bedrijf] via Klarna, maar vervolgens niet betaald. [gedaagde] betwist deze overeenkomst. De kantonrechter wijst de vorderingen van Alektum af, omdat zij onvoldoende heeft onderbouwd dat [gedaagde] de overeenkomst met Klarna heeft gesloten.
3De beoordeling
De Nederlandse rechter is bevoegd en er is Nederlands recht van toepassing op de gestelde overeenkomst
3.1
Alektum is een rechtspersoon naar buitenlands recht. Daarom moet allereerst de vraag worden beantwoord of de Nederlandse rechter wel bevoegd is van de vordering kennis te nemen. Dat is zo. De gedaagde partij, [gedaagde] , woont namelijk in Nederland en is een consument.
3.2
Verder overweegt de kantonrechter dat op de vordering het Nederlands recht van toepassing is. Alektum stelt dat zij door cessie de vordering van Klarna overgedragen heeft gekregen. De betrekking tussen Alektum als cessionaris (rechthebbende op de vordering door cessie) en [gedaagde] als (gesteld) schuldenaar, wordt beheerst door het recht dat van toepassing is op de gecedeerde vordering. Op grond van artikel 6 van deze verordening geldt in geval van een consumentenovereenkomst zoals hier dat het recht van toepassing is van het land waar de consument zijn gewone verblijfplaats heeft. Aangezien [gedaagde] in Nederland woont, betekent dit dat Nederlands recht moet worden toegepast. De kantonrechter zal de zaak dan ook inhoudelijk beoordelen naar Nederlands recht.
Alektum heeft onvoldoende onderbouwd dat [gedaagde] een overeenkomst heeft gesloten met Klarna
3.3
Volgens Alektum is op 14 juni 2021 een orderbevestiging gestuurd naar het e-mailadres [e-mailadres] voor een koopovereenkomst met [website] voor een totaalbedrag van € 313,55. Alektum stelt dat daarna een deel van de bestelling geretourneerd, zodat er nog een bedrag van € 109,85 open staat. Alektum vordert daarom in deze procedure - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 109,85, vermeerderd met rente en kosten.
3.4
[gedaagde] betwist dat zij een bestelling bij [bedrijf] via Klarna heeft gedaan en dat er tussen haar en Klarna een overeenkomst tot stand is gekomen. [gedaagde] stelt dat zij het Klarna-account en het e-mailadres waarmee de bestelling is gedaan niet herkent en dat deze niet van haar zijn. Ook betwist zij een retourzending te hebben gedaan.
3.5
Aangezien partijen discussie hebben over het bestaan van een overeenkomst, is het aan Alektum om voldoende onderbouwd te stellen dat er sprake is van een overeenkomst. Daar is Alektum niet in geslaagd. De vorderingen van Alektum zullen worden afgewezen, omdat niet is komen vast te staan dat [gedaagde] een overeenkomst heeft gesloten met [bedrijf] via Klarna. Op de door Alektum overgelegde orderbevestiging is alleen vermeld welke artikelen zijn besteld en op welk moment en via welk rekeningnummer het factuurbedrag aan Klarna voldaan moet worden. Een naam, adres of e-mailadres ontbreekt, zodat de orderbevestiging geen aanknopingspunten geeft waaruit te herleiden is dat [gedaagde] de bestelling heeft gedaan. Ook de naam uit het e-mailadres waar de orderbevestiging naar is gestuurd lijkt niet op de naam van [gedaagde] , zodat dit ook geen onderbouwing biedt voor de stelling van Alektum dat [gedaagde] de overeenkomst heeft gesloten.
3.6
Alektum heeft nog aangevoerd dat het factuur- en afleveradres gelijk is aan het adres waar [gedaagde] sinds 23 maart 2015 tot op heden woont. Voor zover uitgegaan wordt van de juistheid van de stelling dat er door [gedaagde] goederen zijn teruggestuurd – en (een gedeelte van) de bestellingen dus op het opgegeven adres is bezorgd – betekent dit niet dat hiermee vaststaat dat [gedaagde] de betreffende goederen heeft besteld en op die grond betalingsplichtig is. Uit de stukken blijkt ook niet wie de bestelling(en) in ontvangst zou hebben genomen en wie een gedeelte van de bestelling(en) retour zou hebben gezonden.
De ambtshalve toetsing kan achterwege blijven
3.7
De vordering is gebaseerd op een overeenkomst op afstand tussen een handelaar ( [bedrijf] ) en een consument ( [gedaagde] ). In die gevallen moet normaal gesproken ambtshalve worden getoetst of de handelaar zijn wettelijke (pre)contractuele informatieverplichtingen is nagekomen. Bovendien moet worden nagegaan of sprake is van een kredietovereenkomst tussen Klarna en [gedaagde] en zo ja, of deze aan de wettelijke vereisten voldoet. Omdat hiervoor al is overwogen dat niet vast is komen te staan dat [gedaagde] de koopovereenkomst heeft gesloten, komt de kantonrechter niet toe aan de ambtshalve toetsing.
Alektum moet de proceskosten betalen
3.8
Alektum is in het ongelijk gesteld en moet daarom haar eigen proceskosten en de proceskosten (inclusief nakosten) van [gedaagde] betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden vastgesteld op nihil, omdat zij in persoon procedeert en er enkel schriftelijk is geprocedeerd.0
4De beslissing
De kantonrechter
4.1
wijst de vorderingen van Alektum af,
4.2
veroordeelt Alektum in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] vastgesteld op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.A. van Steenbeek en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.
Artikel 14 lid 2 Verordening (EG) 593/2008 (Rome I). | Link naar deze uitspraak
|
| | |
|
|