Inloggen 
 

 Registreren
 Wachtwoord vergeten?


Terug naar het beginscherm

 
 
 
Neem contact op met de Agro-advieslijn:
0570-657417 (Houtsma Bedrijfsadvies)
ECLI:NL:RBNHO:2026:8415 
 
Datum uitspraak:07-07-2026
Datum gepubliceerd:13-07-2026
Instantie:Rechtbank Noord-Holland
Zaaknummers:HAA 26/3319
Rechtsgebied:Socialezekerheidsrecht
Indicatie:De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek om een voorlopige voorziening en daarmee samenhangende verzoek om het treffen van een ordemaatregel wijst hij gelet hierop af.
Trefwoorden:burgerlijk wetboek
 
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 26/3319

uitspraak van de voorzieningenrechter van 7 juli 2026 in de zaak tussen



[verzoekster] , uit Amsterdam, verzoekster
(gemachtigde: mr. J. Sprakel),

en


het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem, het college.




Inleiding


1.1.
In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening en ordemaatregel van verzoekster in verband met de beëindiging van het verblijf van verzoekster bij haar huidige zorgaanbieder per 30 juni 2026 en het aanbod van het college van een andere zorgaanbieder. Verzoekster is het hiermee oneens, heeft hiertegen bezwaar gemaakt en heeft verzocht om dit besluit te schorsen gedurende de bezwaarprocedure. Het college heeft op het verzoek om de voorlopige voorziening en ordemaatregel gereageerd met een verweerschrift.



1.2.
Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is het verzoek kennelijk ongegrond. De voorzieningenrechter doet daarom uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit hoe hij tot dat oordeel is gekomen. Dit oordeel heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.




Feiten en omstandigheden
2. De rechtbank stelt de volgende niet in geschil zijnde feiten en het procesverloop vast.



2.1.
De gemeente Haarlem heeft op 18 juli 2024 een overeenkomst gesloten met de Stichting Accuraat Begeleid Wonen (hierna: Accuraat) voor dienstverlening die ziet op beschermd wonen en maatschappelijke opvang. In de overeenkomst is de volgende bepaling, voor zover hier van belang, opgenomen:

Artikel 11. Continuïteit van de dienstverlening

1. Opdrachtnemer draagt zorg voor de continuïteit van levering van de Dienst.
2. Opdrachtnemer garandeert een soepele overgang van een Cliënt naar een andere Opdrachtnemer en verleent daaraan medewerking.
3. In geval van beëindiging van deze Overeenkomst werkt Opdrachtnemer mee aan de continuïteit van de Dienst aan de Cliënten. Opdrachtnemer werkt mee aan een zorgvuldige overdracht van Cliënten aan een andere, gecontracteerde Opdrachtnemer. Opdrachtnemer doet dit in overleg en met akkoord van de Opdrachtgever.






2.2.
Verzoekster heeft een indicatie beschermd wonen en heeft verbleven bij, en zorg ontvangen van Accuraat in Amsterdam.






2.3.
Vanuit de toezichthouder GGD is er vanaf september 2024 een onderzoek verricht naar Accuraat. Hieruit is – samengevat – naar voren gekomen dat Accuraat niet op alle onderdelen voldoet aan de wettelijke vereisten. Geconstateerd is dat Accuraat onvoldoende deskundigheid in huis heeft en er niet voldoende beroepskrachten op de vloer aanwezig zijn, waardoor er mogelijk risicovolle situaties kunnen ontstaan en de vereiste zorg in onvoldoende mate kan worden verleend.



2.4.
Het college heeft Accuraat de tijd gegeven om verbetermaatregelen te nemen. Volgens het college is gebleken dat Accuraat de mogelijkheid om herstelmaatregelingen te treffen niet, dan wel onvoldoende benut. Om die reden heeft het college de overeenkomst met Accuraat op 7 mei 2026 ontbonden per 30 juni 2026. In de brief van 7 mei 2026 staat, voor zover hier van belang, het volgende:

Accuraat is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst door onvoldoende kwalitatieve maatschappelijke ondersteuning te leveren, hetgeen aanleiding is om de tussen de gemeente en Accuraat gesloten overeenkomst te ontbinden op grond van artikel 6:265 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Met inachtneming van het voorgaande en onder verwijzing naar de in de onderzoeksrapporten vastgelegde tekortkomingen ontbindt de gemeente hierbij, per het einde van de volgende kalendermaand (derhalve per 30 juni 2026) de overeenkomst met Accuraat.



2.5.
Het college heeft verzoekster bij brief van 20 mei 2026 op de gevolgen van de beëindiging van de samenwerking met Accuraat gewezen. In de brief staat, voor zover hier van belang, het volgende:

U verblijft nu bij Accuraat. Zoals eerder per brief is verteld heeft een onafhankelijk toezichthouder onderzoek gedaan bij Accuraat. Dit onderzoek was in opdracht van de gemeente Haarlem. Uit dit onderzoek kwamen adviezen om de zorg te verbeteren. De kwaliteit van de zorg is daarna niet verbeterd. Daarom stopt de gemeente het contract met Accuraat. In deze brief leggen wij uit wat dit voor u betekent.



Hoe verder
Uw verblijf bij Accuraat stopt.
U kunt hier nog wonen tot en met 30 juni 2026.



Wat houdt dit voor u in?
2. U wilt beschermd blijven wonen
De gemeente heeft een plek voor u gevonden bij een andere zorgaanbieder. Wilt u hier gebruik van maken?
Neem dan zo snel mogelijk contact op met de gemeente Haarlem.
Doe dit uiterlijk voor 3 juni 2026.

3. U wilt niet beschermd blijven wonen
Neemt u geen contact op met de gemeente Haarlem voor 27 mei 2026? Dan gaan wij ervan uit dat u niet verder wilt met beschermd wonen.

U kunt ons dit ook zelf laten weten via telefoon of e-mail.
Doe dit ook uiterlijk vóór 3 juni 2026.



Uw indicatie voor beschermd wonen stopt per 30 juni 2026.
U krijgt daarna een brief waarin dit officieel wordt bevestigd.


2.6.
In een emailbericht van 28 mei 2026 staat, voor zover hier van belang, het volgende:

Goedemiddag,

U heeft ons laten weten dat u beschermd wilt blijven wonen. Wij zullen u binnenkort uitnodigen voor een bijeenkomst waarbij een zorgaanbieder zal aansluiten. Deze zorgaanbieder zal vertellen wie zij zijn, wat zij bieden en wat u van hen kan verwachten. Tijdens deze bijeenkomst kunt u vragen stellen.


2.7.
Verzoekster heeft tegen de brief van 20 mei 2026 op 29 juni 2026 bezwaar gemaakt.



2.8.
In een emailbericht van 24 juni 2026 staat, voor zover hier van belang, het volgende:

Geachte heer Sprakel,

Vorige week hebben we telefonisch contact gehad over het voorstel om met elkaar in gesprek te gaan naar aanleiding van de bezwaren van uw cliënten (…). Het doel van het gesprek zou vanuit de gemeente zijn om gezamenlijk naar passende mogelijkheden te kijken voor uw cliënten in verband met de naderende datum waarop het beschermd wonen bij Accuraat eindigt (30 juni 2026).

De vakafdeling ziet in uw doel voor het gesprek (een constructieve oplossing voor uw cliënten) een gezamenlijk doel (van zowel u, als de gemeente). Ten aanzien van de cliënten die u bijstaat, is vanuit de vakafdeling geprobeerd om tot een goed en passend alternatief te komen. De vakafdeling bespreekt in een gesprek met u graag de mogelijkheden, en
staat er ook voor open om uw input hierbij te betrekken zodat werkbare afspraken kunnen worden gemaakt om tot praktische (tussen)oplossingen te komen. Per 30 juni is er vanuit de gemeente voor iedere cliënt ander, passend aanbod beschikbaar, waardoor iedere cliënt uiterlijk 30 juni over zou kunnen gaan. Uw voorstel met betrekking tot het op de huidige locatie verblijven met zorg van een andere aanbieder heb ik eveneens als mogelijkheid besproken. Dit is door de vakafdeling onderzocht. Helaas blijkt dit geen mogelijkheid, omdat de huidige locatie niet geschikt is bevonden.



2.9.
Op 29 juni 2026 heeft verzoekster een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. Verzocht wordt om een voorlopige voorziening te treffen waarbij het besluit
van 20 mei 2026 wordt geschorst tot ten minste 6 weken na de bekendmaking van de
beslissing op bezwaar. Als het niet lukt om vóór 1 juli 2026 een zitting te plannen wordt verzocht een ordemaatregel te treffen waarin het besluit van 20 mei 2026 wordt geschorst tot uitspraak is gedaan in het verzoek tot voorlopige voorziening.




Standpunten verzoekster

3. Het besluit is een top-down beslissing waarin de belangen van verzoeker op geen enkele manier een rol hebben gespeeld. Die belangen zijn in het geval van verzoekster dat zij kwetsbaar is (want indicatie beschermd wonen), dat zij al op de wachtlijst staat voor uitstroom via urgentie en zij vanwege werk, studie, mantelzorg voor ouders en sociaal leven een sterke binding heeft met de gemeente Amsterdam. Daarbij is zij tevreden over de zorg en wil zij niet gedwongen verhuizen. Zij begrijpt niet waarom zij zo ongelooflijk weinig tijd krijgt voor het maken van een voor haar lastige en zeer ingrijpende keuze.



Standpunten van het college

4.

4.1.
Volgens het college is er geen aanleiding voor het treffen van een ordemaatregel dan wel voorlopige voorziening. De datum van 30 juni 2026 ligt al in het verleden. De indicatie blijft behouden en het beschermd wonen kan worden voortgezet op een andere locatie, waar passende, adequate zorg kan worden geboden, waar verzoekster recht op heeft en wat zij bij de huidige aanbieder niet krijgt.



4.2.
Er is een plek beschikbaar gesteld bij BEA Zorg. Dit betreft een studio met eigen voorzieningen. Deze is gefinancierd en gereserveerd. Er is een bijeenkomst gehouden en de mogelijkheid geboden om de studio te bezichtigen. Er staan verhuisbedrijven klaar om te assisteren bij de verhuizing. De continuïteit van (passende en adequate) zorg is dus gewaarborgd. Deze mogelijkheid is er nog steeds. De plek is gereserveerd tot 15 juli 2026. Verzoekster wordt met klem verzocht om contact met het college op te nemen zodat haar plek bij BEA-zorg wordt gegarandeerd.


4.3.
Voortzetting van het verblijf bij Accuraat is niet verantwoord. Het is in het belang van verzoekster om te verhuizen naar een ander verblijf waar passende en adequate zorg kan worden geboden door een (andere) aanbieder.


4.4.
Bij toewijzing van het verzoek duurt de situatie bij Accuraat voort terwijl is geconcludeerd dat de veiligheid en zorg tekortschiet en dat er niet, dan wel onvoldoende wordt verbeterd. Daarnaast is de datum van 30 juni 2026 gebaseerd op een civielrechtelijke ontbinding van een overeenkomst met Accuraat, waardoor na die datum geen gecontracteerde zorg meer kan worden aangeboden. Hierdoor is schorsing van het besluit (feitelijk) niet uitvoerbaar en in het belang van verzoekster niet wenselijk.




Beoordeling van de voorzieningenrechter
5. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek om een voorlopige voorziening en daarmee samenhangende verzoek om het treffen van een ordemaatregel wijst hij gelet hierop af. Daartoe overweegt hij als volgt.


6.1.
De overeenkomst met Accuraat is per 30 juni 2026 ontbonden door de gemeente Haarlem. Het rechtgevolg daarvan is dat het de zorg en verblijf van verzoekster feitelijk per die datum wordt beëindigd. Dat is in de brief van 20 mei 2026 aan verzoekster medegedeeld, waarbij aan haar is gevraagd of zij de indicatie beschermd wonen wil behouden. Aangegeven is dat de gemeente Haarlem, bij een positief antwoord, een nieuwe zorgaanbieder heeft geregeld. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter kan deze brief van 20 mei 2026 niet worden aangemerkt als een besluit dat is gericht op een rechtsgevolg, als bedoeld in artikel 1:3, lid 1, van de Awb. Immers, de maatwerkvoorziening (Beschermd wonen), als bedoeld in het bepaalde van artikel 2.3.5, leden 3 en 5, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, blijft – op verzoek van verzoekster – gehandhaafd. Een wijziging van de zorgaanbieder en locatie raakt dan ook niet de grondslag van de maatwerkvoorziening, maar ziet op de uitvoering van deze maatwerkvoorziening, waarbij aan het college – binnen de genoemde grenzen – beleidsruimte toekomt.



6.2.
Verder kan naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter verzoekster met deze procedure niet het door haar gewenste resultaat bereiken, zijnde een (tijdelijke) verlenging van haar verblijf en zorg op de huidige locatie. De overeenkomst is immers ontbonden met als rechtsgevolg dat verdere zorg en verder verblijf bij Accuraat niet meer mogelijk is na 30 juni 2026 en bovendien wordt dit – mocht dit al mogelijk zijn – onwenselijk geacht. Dit volgt ook uit het emailbericht van 24 juni 2026.



6.3.
Ten overvloede overweegt de voorzieningenrecht nog het volgende. Voor wat betreft de angst bij verzoekster dat de continuïteit van de zorg in gevaar komt overweegt de voorzieningenrechter het volgende. Uit de met Accuraat gesloten overeenkomst volgt dat Accuraat meewerkt aan de continuïteit van de dienstverlening en meewerkt aan een zorgvuldige overdracht van verzoekster aan BEA Zorg. Hierover is zij geïnformeerd. Ook is er een bijeenkomst gehouden waar zij kennis heeft kunnen maken met BEA Zorg en is de mogelijkheid geboden aan verzoekster om de studio te komen bezichtigen. Hiervan heeft verzoekster ook gebruik gemaakt. Er is een plek bij BEA Zorg gegarandeerd waar zij een eigen studio heeft met eigen voorzieningen (badkamer, keuken en toilet). De plek is gefinancierd en gereserveerd. Tevens staat er een verhuisbedrijf klaar om te assisteren bij de verhuizing. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft de gemeente Haarlem de continuïteit en kwaliteit van de maatwerkvoorziening daarmee goed gewaarborgd.




Conclusie en gevolgen

7. De conclusie is dat in wat verzoekster heeft aangevoerd de voorzieningenrechter geen aanleiding ziet om een voorlopige voorziening of ordemaatregel te treffen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek dus af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening en het in verband daarmee gedane verzoek om het treffen van een ordemaatregel af.



Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Jurgens, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van F. Voskamp, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 7 juli 2026.













griffier


voorzieningenrechter







Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:




Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Link naar deze uitspraak